Terug College van burgemeester en schepenen

do 07/02/2019 - 09:00 Collegezaal Aansluitend aan VB

Bestuur & organisatie

Secretariaat en noodplanning

Informatie- en communicatiebeheer

Personeel- en organisatieontwikkeling

Financiën

Financiën

  • De gemeenteraad is volgens artikel 41, 2e lid, 8° van het Decreet Lokaal Bestuur (DLB) bevoegd om de definitie van het begrip ‘dagelijks bestuur’ te bepalen. Met ingang van 1 januari 2019 wordt het begrip dagelijks bestuur niet langer gekoppeld aan het visum en het budgethouderschap. Het blijft echter wel bepalend voor de bevoegdheidsverdeling met betrekking tot overheidsopdrachten.

    De gemeenteraad is volgens artikel 41, 2e lid, 10° DLB immers bevoegd voor het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij: a) de opdracht past binnen het begrip ‘dagelijks bestuur ‘ waarvoor het college van burgemeester en schepenen bevoegd is; b) de gemeenteraad de vaststelling van de procedure en de voorwaarden ervan nominatief aan het college of het vast bureau heeft toevertrouwd; c) in geval van dwingende en onvoorziene omstandigheden.

    Om een soepele en efficiënte werking te behouden, moet de definitie van ‘dagelijks bestuur’ vernieuwd worden.

    Voorgesteld wordt om de uitgaven van het exploitatiebudget en het investeringsbudget die overeenkomstig de wetgeving overheidsopdrachten tot stand kunnen komen via het systeem van de aanvaarde factuur (30.000 euro excl. BTW - jaarlijks te indexeren bedrag), te beschouwen als behorende tot het 'dagelijks bestuur'.

  • De algemeen directeur is verantwoordelijk voor het organisatiebeheersingssysteem en zet bij uitgaande betalingen de eerste handtekening ter bevestiging dat de uitgaven wettelijk en regelmatig zijn.

    Artikel 266 van het decreet lokaal bestuur (DLB) bepaalt dat voorgenomen financiële verbintenissen die resulteren in een uitgaande nettokasstroom onderworpen zijn aan een voorafgaand visum door de financieel directeur, voordat enige verbintenis kan worden aangegaan. De financieel directeur onderzoekt de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenissen in het kader van zijn opdracht vermeld in artikel 177, 1e lid, 1°. Hij verleent zijn visum, als uit dat onderzoek de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwaarden koppelen aan zijn visum. Als de financieel directeur weigert zijn visum te verlenen, of als hij er voorwaarden aan koppelt, motiveert hij dat.

    De financieel directeur rapporteert aan de gemeenteraad over de visumverlening. De gemeenteraad bepaalt, na advies van de financieel directeur, de nadere voorwaarden waaronder de financieel directeur zijn controle uitoefent. De gemeenteraad kan binnen de perken vastgelegd door de Vlaamse Regering, en na advies van de financieel directeur, bepaalde categorieën uitsluiten van de visumverplichting. Als de financieel directeur weigert om een visum te verlenen aan een voorgenomen verbintenis, kan het college op eigen verantwoordelijkheid viseren. In dat geval brengt het college de gemotiveerde beslissing van de financieel directeur, samen met zijn eigen beslissing, ter kennis van de gemeenteraad.

    Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt de voorwaarden die gelden om advies te kunnen vragen aan de financieel directeur over de wettigheid en regelmatigheid van verrichtingen die van de visumverplichting zijn uitgesloten.

    Voorgesteld wordt om in grote lijnen onderstaand stramien te volgen voor de toepassing van de regelgeving - deze bepalingen en de modaliteiten van de visum- en adviesverstrekking worden in het beschikkingsgedeelte in detail uitgewerkt:

    1) Om te vermijden dat op het einde van het traject van een dossier een negatief visum moet worden gegeven, wordt reeds voorafgaand aan het nemen van een beslissing met financiële impact aan de financieel directeur een advies gevraagd. Het advies kan bestaan uit een financieel beleidsadvies, een advies over de kredietcontrole en een advies over de wettigheid en de regelmatigheid.

    Noch een financieel beleidsadvies, noch een advies over de kredietcontrole, de wettigheid en de regelmatigheid moet worden gevraagd indien de aan de verbintenis verbonden uitgaven lager zijn dan 30.000 euro excl. BTW.

    Noch een financieel beleidsadvies, noch een advies over de kredietcontrole, de wettigheid en de regelmatigheid moet worden gevraagd voor aanstellingen van personeel waarvan de duur niet meer dan 1 jaar bedraagt en die voorzien zijn in de personeelsformatie.

    2) Er is geen visum nodig voor:

    1° een verbintenis waarvan het bedrag binnen de perken valt van een opdracht die overeenkomstig de wetgeving overheidsopdrachten tot stand zou kunnen komen via het systeem van de aanvaarde factuur (momenteel 30.000 euro - dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd);

    2° de werkingstoelagen aan de politiezone, het OCMW, de hulpverleningszone, intercommunales, kerkfabrieken, sportieve, culturele en andere organisaties;

    3° schulduitgaven die voortvloeien uit regelmatig aangegane verbintenissen, zoals aflossingen en intresten van lening- en leasingcontracten

    4° aanstellingen van personeel waarvan de duur niet meer dan 1 jaar bedraagt (en aansluitend aanstellingen in het kader van tewerkstellingen art. 60, §7 OCMW-wet en tewerkstellingen ter uitvoering van andere werkgelegenheidsmaatregelen van hogere overheden voor max. vier jaar in het kader van de organieke opdracht van het OCMW die één of meer jaren bedragen)

    3) Voor de toekenning van investeringssubsidies wordt steeds een visum aan de financieel directeur gevraagd.

    4) De procedure om de wettelijkheid, de regelmatigheid en de beschikbaarheid van kredieten te verzekeren van uitgaven die van de visumplicht zijn uitgesloten, wordt expliciet vastgelegd in het organisatiebeheersingssysteem.

Financiën & verzekeringen

Ruimte

Patrimonium, openbare werken en mobiliteit

Omgeving

Mens

Burger en onthaal

Team 'Samen leven'


Publicaties