Opname van onbetaald verlof als gunst en als recht wordt in onze RPR geregeld via artikels 251 tem 257:
Artikel 251 Paragraaf 1Het personeelslid kan de volgende contingenten onbetaalde verloven krijgen:
Artikel 254 Paragraaf 1
Het personeelslid heeft het recht om tijdens de loopbaan minstens twaalf maanden voltijds de loopbaan te onderbreken in periodes van minimaal één maand. Zodra het personeelslid 55 jaar is, verwerft het een bijkomend recht om minstens twaalf maanden voltijds de loopbaan te onderbreken, te nemen in periodes van minimaal een maand.
Het personeelslid heeft het recht om tijdens de loopbaan gedurende minstens zestig maanden de prestaties te verminderen tot 90%, tot 80% of tot 50% van een voltijdse betrekking. Dat deeltijdse onbetaalde verlof kan alleen genomen worden in periodes van minimaal drie maanden. Zodra het personeelslid 55 jaar is, heeft hij altijd het recht om de prestaties te verminderen tot 90%, tot 80% of tot 50% van een voltijdse betrekking.
In het verleden werd door verschillende werknemers de vraag gesteld om bijvoorbeeld 70% of minder te werken. Dit werd dan geregeld door een combinatie van onbetaald verlof als recht en als gunst, wat tot ingewikkelde constructies leidde in prikklok en loonverwerking.
Voorstel tot aanpassing van artikel 251 §1 en 254 §1 van de RPR: uitbreiding van de percentages onbetaald verlof met 70% en 60%.
In bijlage voorstel tot nieuwe tekst van de RPR.
Deze wijziging kadert eveneens in de visie om een aantrekkelijke werkgever te zijn en een goede werk-gezinbalans te stimuleren.
In bijlage het juridisch advies van Cipalschaubroeck inzake de mogelijkheid tot uitbreiding van het onbetaald verlof als gunst en als recht.
Het college van burgemeester en schepenen gaat akkoord met de uitbreiding van het onbetaald verlof als gunst en als recht.
De werknemer moet de kans krijgen om volgende percentages onbetaald verlof als gunst en als recht te nemen:
- 90%, 80%, 70%, 60% of 50% van een voltijdse tewerkstelling.
Het college van burgemeester en schepenen bepalen dat artikels 251 §1 en 254 §1 worden aangepast met de nieuwe percentages (zie bijlage).
Alle overige bepalingen uit de RPR inzake het onbetaald verlof als recht en als gunst blijven ongewijzigd.