Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Provinciedecreet van 9 december 2005 bepalen dat de meerjarenplannen van de lokale en provinciale besturen starten in het tweede jaar na de lokale en provinciale verkiezingen en dat ze lopen tot het einde van het jaar na de daaropvolgende verkiezingen. Dit betekent dat de nieuwe bewindsploegen in 2025 hun beleids- en financiële planning voor de komende jaren opmaken. Ze beschrijven en verankeren die planning in het strategisch meerjarenplan voor de periode van 2026 tot en met 2031.
De besturen maken dat meerjarenplan op binnen het regelgevend kader over de beleids- en beheerscyclus voor de lokale en provinciale besturen (BBC). Die regelgeving bepaalt de samenstelling en de minimale inhoud van het meerjarenplan. Voor de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031 gelden er aangepaste regels, schema’s en rekeningenstelsels. Dat is een gevolg van twee uitvoeringsbesluiten over de BBC, die in 2023 zijn goedgekeurd om de lees- en bruikbaarheid van de beleidsrapporten voor gemeente- en provincieraadsleden te verbeteren.
De volledige regelgeving over de BBC kan worden geraadpleegd in de Vlaamse Codex. De bepalingen die van toepassing zijn voor de opmaak van het meerjarenplan 2026-2031, zijn vastgelegd in:
- het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (artikel 249-275);
- het Provinciedecreet van 9 december 2005 (artikel 141-164);
- het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen;
- het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen.
Het meerjarenplan 2026 - 2031 bestaat uit een strategische nota, een financiële nota en een toelichting.
De strategische nota bevat ten minste de volgende elementen:
De financiële nota van het meerjarenplan bevat:
De toelichting van het meerjarenplan bevat alle informatie over de verrichtingen in het ontwerp van meerjarenplan die relevant is voor de raadsleden om met kennis van zaken een beslissing te kunnen nemen. Ze moet minstens de volgende onderdelen bevatten:
Samen met het ontwerp van het meerjarenplan bezorgt het bestuur de raadsleden ook de bijbehorende documentatie bij dat beleidsrapport. Die documentatie bevat meer gedetailleerde gegevens en achtergrondinformatie die de raadsleden in staat moet stellen om de meer gebalde informatie in het meerjarenplan beter te kunnen interpreteren. De minimale inhoud is vastgelegd in het MB BBC.
Het schema ‘M2: Staat van het financieel evenwicht’ geeft weer in welke mate gemeente en OCMW Haacht voldoen aan de gestelde evenwichtsvoorwaarden. We stellen vast dat het beschikbaar budgettair resultaat elk jaar positief is en dat 2031 wordt afgerond met een geraamd beschikbaar budgettair resultaat van 1.540.282 euro. De geraamde autofinancieringsmarge, die aangeeft in welke mate de leningslasten vanuit het exploitatiesaldo kunnen gedragen worden, bedraagt per 31 december 2031 84.236 euro. 2026 wordt afgerond met een geraamd beschikbaar budgettair resultaat van 3.715.210 euro en een geraamde autofinancieringsmarge van 443.357 euro.
Zie bijlagen
DLB
MB BBC
Procedure
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen in principe over het geheel van hun deel van het geïntegreerde meerjarenplan van de gemeente en het OCMW.
Elk raadslid kan echter de afzonderlijke stemming eisen over één of meer onderdelen (bijv. een onderliggende raming, een actie of een actieplan, enz.) van het meerjarenplan. Het betrokken raadslid moet die onderdelen aanwijzen. In dat geval mag de betrokken raad maar over het geheel van zijn deel van het meerjarenplan stemmen ná de stemming van die aangewezen onderdelen.
Als de stemming over een onderdeel tot gevolg heeft dat het ontwerp van het meerjarenplan moet worden gewijzigd, dan wordt de stemming over het geheel verdaagd tot de eerstvolgende vergadering van de raad. Als de andere raad voordien zijn deel van het meerjarenplan al had vastgesteld, vervalt die vaststelling en stelt die raad het gewijzigde ontwerp van meerjarenplan vast op een volgende vergadering.
1) OCMW-raad stemt over zijn deel : vaststelling
2) gemeenteraad stemt over zijn deel : vaststelling
3) gemeenteraad keurt 1) goed; hierdoor wordt het meerjarenplan definitief vastgesteld.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het geïntegreerde meerjarenplan 2026-2031 van de gemeente en het OCMW (deel OCMW) vast.
We stellen vast dat het beschikbaar budgettair resultaat elk jaar positief is en dat 2031 wordt afgerond met een geraamd beschikbaar budgettair resultaat van 1.540.282 euro. De geraamde autofinancieringsmarge, die aangeeft in welke mate de leningslasten vanuit het exploitatiesaldo kunnen gedragen worden, bedraagt per 31 december 2031 84.236 euro.
2026 wordt afgerond met een geraamd beschikbaar budgettair resultaat van 3.715.210 euro en een geraamde autofinancieringsmarge van 443.357 euro.
Hiermee worden meteen de kredieten voor boekjaar 2026 definitief vastgesteld.