De bevoegdheid van de gemeenteraad inzake het vaststellen van retributies is versoepeld, zodanig dat de gemeenteraad enkel moet beslissen over het kader en de bijzonderste voorwaarden van de retributie. Dit houdt onder meer in dat de gemeenteraad diegene aanduidt die de retributie verschuldigd is, voor zover dat niet als vanzelfsprekend volgt uit de aard van de retributie. Dit houdt eveneens in dat de gemeenteraad de voorwaarden bepaalt van eventuele verminderingen. Het vaststellen van het tarief zelf en de bepaling van de wijze van inning kunnen aan het college worden gedelegeerd, hierdoor kan er op een vlottere manier worden ingespeeld op veranderende omstandigheden.
Het retributiereglement voor het verwijderen van sluikstort, goedgekeurd door de gemeenteraad van 22 december 2025, verleent machtiging aan het college van burgemeester en schepenen tot het vaststellen van de tarieven.
de Grondwet, artikel 173;
het decreet Lokaal Bestuur; artikel 40 §3;
de omzendbrief fiscaliteit KB/ABB 2019/2.
Het college van burgemeester en schepenen stelt de retributie vanaf 1 januari 2026 vast op:
a) in geval van opruiming door gemeentediensten: de totale verwerkingskost van het afval verhoogd met:
b) in geval van opruiming door een derde, aangesteld door de gemeente: de werkelijke kostprijs.
Artikel 2
Dit besluit wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.