Terug
Gepubliceerd op 20/01/2026

2026_CBS_00026 - Retributies - dienstjaren 2026-2031 - Vaststelling van de tarieven in het gemeentelijk retributiereglement voor het verwijderen van sluikstort - Goedkeuring

College van Burgemeester en Schepenen
do 08/01/2026 - 09:05 collegezaal
Datum beslissing: do 08/01/2026 - 09:49
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Retributiereglement.

Samenstelling

Aanwezig

Karin Jiroflee, Tweede schepen; Tom Van der Auwera, Derde schepen en waarnemend voorzitter; Tim Timmermans, Vijfde schepen ; Kristel Godyns, Eerste schepen; Frank Vannetelbosch, Vierde schepen; Luc Van Rillaer, Algemeen directeur

Verontschuldigd

Steven Swiggers, Burgemeester-voorzitter

Secretaris

Luc Van Rillaer, Algemeen directeur
2026_CBS_00026 - Retributies - dienstjaren 2026-2031 - Vaststelling van de tarieven in het gemeentelijk retributiereglement voor het verwijderen van sluikstort - Goedkeuring 2026_CBS_00026 - Retributies - dienstjaren 2026-2031 - Vaststelling van de tarieven in het gemeentelijk retributiereglement voor het verwijderen van sluikstort - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

De bevoegdheid van de gemeenteraad inzake het vaststellen van retributies is versoepeld, zodanig dat de gemeenteraad enkel moet beslissen over het kader en de bijzonderste voorwaarden van de retributie. Dit houdt onder meer in dat de gemeenteraad diegene aanduidt die de retributie verschuldigd is, voor zover dat niet als vanzelfsprekend volgt uit de aard van de retributie. Dit houdt eveneens in dat de gemeenteraad de voorwaarden bepaalt van eventuele verminderingen. Het vaststellen van het tarief zelf en de bepaling van de wijze van inning kunnen aan het college worden gedelegeerd, hierdoor kan er op een vlottere manier worden ingespeeld op veranderende omstandigheden.

Het retributiereglement voor het verwijderen van sluikstort, goedgekeurd door de gemeenteraad van 22 december 2025, verleent machtiging aan het college van burgemeester en schepenen tot het vaststellen van de tarieven.

Argumentatie

  • Gelet op het feit dat het verwijderen en verwerken van de achtergelaten afvalstoffen extra inspanningen vergt van de gemeentelijke diensten en/of het inzetten van een externe firma en dit gaat gepaard met extra kosten voor de gemeente;
  • Gelet op het feit dat het billijk is om deze kosten te verhalen op de personen die zich schuldig maken aan sluikstorten, waarbij rekening wordt gehouden met de aard en de hoeveelheid van de achtergelaten afvalstoffen, met het ingezette materieel en personeel en met de afstand die afgelegd wordt om het afval op te halen/of weg te brengen.

Juridische grond

  • de Grondwet, artikel 173; 

  • het decreet Lokaal Bestuur; artikel 40 §3;

  • de omzendbrief fiscaliteit KB/ABB 2019/2.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen stelt de retributie vanaf 1 januari 2026 vast op:

a) in geval van opruiming door gemeentediensten: de totale verwerkingskost van het afval verhoogd met:  

  • 5 euro per km transport
  • 45 euro per uur per personeelslid
  • 40 euro per uur voor vervoer met een vrachtwagen
  • 70 euro per uur voor gebruik van een vrachtwagen met een kraanuitrusting of gebruik van een zelfrijdende kraan;  

b) in geval van opruiming door een derde, aangesteld door de gemeente: de werkelijke kostprijs.  


Artikel 2

Dit besluit wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.